Begrippen
Veelgebruikte begrippen, elk met een korte uitleg en een praktisch voorbeeld.
- MicrolearningEen korte leeractiviteit met een duidelijke bedoeling.
- MicrocontentEen klein stukje inhoud is nog niet automatisch een learning.
- LeerdoelWat wil je dat iemand na de learning begrijpt of kan?
- Voorkennis activerenBovenhalen wat iemand al weet voordat je verdergaat.
- Primen: voorbereiden op wat komtBewust de aandacht op de komende les richten.
- Pretraining: basisbegrippen voorafNieuwe bouwstenen uitleggen vóór de uitgebreidere les.
- Blended learningOnline leren en bijeenkomsten laten samenwerken.
- Flipped classroomEerste uitleg vooraf, samen verder oefenen tijdens de les.
- Retrieval practice: actief ophalenEerst zelf een antwoord geven vanuit je geheugen.
- Spaced learning: gespreid lerenLeeractiviteiten over meerdere momenten verdelen.
- Spaced repetition: gespreid herhalenBekende stof op latere momenten opnieuw laten terugkomen.
- Interleaving: oefeningen afwisselenLeren onderscheiden welke aanpak wanneer past.
- FeedbackUitleg die iemand helpt het antwoord te begrijpen en te verbeteren.
- Formatief oefenen en toetsenAntwoorden gebruiken om verder te leren.
- Summatief beoordelenBeoordelen of iemand aan afgesproken eisen voldoet.
- Retentie: kennis onthoudenWat iemand na verloop van tijd nog weet.
- Transfer: toepassen in een andere situatieGeleerde kennis gebruiken buiten het exacte oefenvoorbeeld.
- Cognitieve belastingHoeveel denkwerk de leeractiviteit tegelijk vraagt.
- Chunking: inhoud in samenhangende delenEen onderwerp opdelen zonder de samenhang kwijt te raken.
- Een uitgewerkt voorbeeldLaten zien hoe je tot een antwoord komt.
- Scaffolding: tijdelijk hulp gevenOndersteunen en de hulp afbouwen als iemand verder kan.
- Scenario of casusEen situatie gebruiken om kennis te laten toepassen.
- Afleider: een geloofwaardig verkeerd antwoordEen antwoordoptie die een herkenbare denkfout laat zien.
- MeerkeuzevraagKiezen uit antwoordopties die bij een duidelijke vraag horen.
- Poll: een mening of ervaring ophalenVragen stellen zonder een goed of fout antwoord.
- CTA: call to actionEen concrete uitnodiging om de volgende stap te zetten.
- ELO en LMSDe leeromgeving waar je vanuit een Pulse naar kunt verwijzen.
- Leerpad of leerreeksLeeractiviteiten in een passende volgorde en planning.
- Performance support: hulp tijdens het werkInformatie beschikbaar maken op het moment dat die nodig is.
- Just-in-time lerenInformatie of uitleg aanbieden wanneer die nodig is.
- Metacognitie: zicht op je eigen lerenNagaan wat je weet en wat nog aandacht vraagt.
- Actief lerenDeelnemers laten denken en iets met de inhoud laten doen.
- Engagement: betrokkenheid bij de learningAandacht en deelname bekijken zonder daar leren uit af te leiden.
- ToegankelijkheidZorgen dat meer mensen de inhoud kunnen gebruiken.
- De taxonomie van BloomWoorden om verschillende soorten leerdoelen te beschrijven.
- Constructive alignment: doel, oefening en beoordelingZorgen dat je oefent en beoordeelt wat je wilt leren.