1. Wat wil je met deze learning bereiken?
Kies de bedoeling en het moment. Daarop stem je uitleg, vragen en vervolgstap af.
Geschreven door Martijn
Laatst bijgewerkt 6 minuten geleden
Begin bij de reden waarom je deze learning wilt maken. Wil je iets nieuws uitleggen, een wijziging onder de aandacht brengen, voorbereiden op een lesdag, doorsturen naar verdieping of herhalen wat al is behandeld?
Schrijf dat in één gewone zin op. Dat helpt je kiezen wat erin moet en wat je weglaat.

Kies de bedoeling en het moment
‘Een learning over communicatie’ geeft nog weinig richting. ‘Voor de lesdag frissen collega’s het verschil op tussen een waarneming en een aanname’ doet dat wel. Je weet nu wat de learning moet bijdragen en wat tijdens de lesdag verder kan worden geoefend.
Andere voorbeelden:
- Bij een wijziging: je collega kan uitleggen wat er verandert en weet waar de actuele werkwijze staat.
- Bij een protocol: je collega kan in twee voorbeelden het verschil uitleggen dat vaak voor verwarring zorgt.
- Bij activatie: je collega weet waarom de ELO-module relevant is en kan die via de eindknop openen.
- Na een lesdag: je collega haalt de drie samenhangende hoofdlijnen opnieuw uit het geheugen op.
Dit zijn voorbeelden voor het ontwerp. Vul ze aan met de echte inhoud, doelgroep en afspraken van jouw organisatie.
Bedenk hoe je merkt of het lukt
Wat vraag je straks aan je collega? Laat bij een wijziging bijvoorbeeld kiezen welke van twee beschreven werkwijzen bij de nieuwe afspraak hoort. Laat bij een voorbereiding een eigen antwoord geven en een vraag meenemen naar de lesdag.
Bij activatie kijk je eerst of de vervolgstap duidelijk en bereikbaar is. Wil je weten of iemand de ELO-module ook heeft afgerond? Dan heb je daarvoor informatie uit de ELO nodig. Een klik vanuit de learning is daarvoor niet genoeg.
Leerdoel, uitleg, oefening en beoordeling horen bij elkaar. Dat is de kern van wat in onderwijs constructive alignment heet (Biggs, 1996). Je hoeft die term niet te gebruiken om het goed toe te passen.
Houd rekening met ervaring
Een ervaren collega heeft vaak genoeg aan het verschil met de bestaande afspraak. Een beginner moet misschien eerst een begrip of de hele werkwijze leren kennen. Vraag daarom wat je doelgroep al weet. Een korte voorbereiding kan dat ook zichtbaar maken.
Kies één hoofdzaak, met ruimte voor herhaling
Een nieuwe procedure én alle achtergronden én drie andere onderwerpen wordt snel te veel. Kies bij nieuwe uitleg een duidelijk afgebakend onderwerp.
Een terugblik mag breder. Na een lesdag kun je bijvoorbeeld de hoofdlijnen ‘waarnemen, overdragen en controleren’ herhalen, als die samen het thema van de dag vormden. Geef elk punt een korte vraag. Worden het losse onderwerpen met veel uitleg? Maak dan een reeks.
Schrijf je plan in vier regels
- Deze learning is voor…
- Mijn collega krijgt de learning vóór, tijdens of na…
- Na afloop wil ik dat mijn collega…
- Ik merk dat aan…
Werk daarna je kaarten uit met het werkblad. Voor voorbeelden per doel kun je verder bij de toepassingen.
Zoek je hulp bij het formuleren? Lees wat een leerdoel beschrijft.
Bronnen
Biggs, J. (1996). Enhancing teaching through constructive alignment. Higher Education, 32(3), 347-364. https://doi.org/10.1007/BF00138871
Monib, W. K., Qazi, A., & Apong, R. A. (2025). Microlearning beyond boundaries: A systematic review and a novel framework for improving learning outcomes. Heliyon, 11(2), Article e41413. https://doi.org/10.1016/j.heliyon.2024.e41413
Pashler, H., Bain, P. M., Bottge, B. A., Graesser, A., Koedinger, K., McDaniel, M., & Metcalfe, J. (2007). Organizing instruction and study to improve student learning (NCER 2007-2004). National Center for Education Research, Institute of Education Sciences. https://ies.ed.gov/ncee/wwc/PracticeGuide/1
Was dit nuttig?
Meer in Microlearning: de basis
BegrippenToepassingen3. Herhalen: zo blijft kennis beter hangen4. Zo maak je een goede quizvraagNog hulp nodig? Vraag het team