Naar hoofdinhoud
Werkwijzen

SCEGS

De klacht begrijpen in samenhang met gedachten, emoties, gedrag en omgeving.

Geschreven door Martijn

Laatst bijgewerkt Ongeveer 2 uur geleden

SCEGS helpt om meer te horen dan alleen de lichamelijke beschrijving van een klacht. In Martijns notitie is het een manier om de ervaring en de context van de patiënt te verkennen.

De vijf ingangen

  • Somatisch: wat merkt iemand lichamelijk en wat is het beloop?
  • Cognities: wat denkt de patiënt dat er aan de hand is? Welke verklaring of verwachting heeft diegene?
  • Emoties: welke gevoelens roept de klacht op, zoals angst, verdriet of boosheid?
  • Gedrag: wat doet of vermijdt iemand door de klacht?
  • Sociaal: wat betekent de klacht voor relaties, werk, dagelijkse taken en steun uit de omgeving?

Maak ruimte voor de eigen betekenis

Een open vraag als “Waar maakt u zich vooral zorgen over?” kan andere informatie opleveren dan nogmaals naar de plek van de pijn vragen. Vat samen en controleer of de patiënt zich in die samenvatting herkent.

De onderdelen beïnvloeden elkaar, maar vormen geen bewijs dat een klacht psychisch is. Het bespreken van gevoelens of omstandigheden vervangt lichamelijk onderzoek of noodzakelijke acute beoordeling niet.

Gebruik ALTIS of SOCRATES wanneer je de klacht zelf verder wilt uitvragen.

Bronnen en actualiteit

Eigen THISLINE-kennis, redactioneel overgezet en gecontroleerd op 7 november 2026. Eigen leerkaart; dimensies vergeleken met landelijk opleidingsplan.